Bij de laatste 2e Kamerverkiezingen was vrijheid een belangrijk thema. Vrijheid is niet gratis, vrijheid heeft een prijs. Zo hebben velen de prijs betaald voor onze vrijheid ruim 80 jaar geleden.
Maar ook na de 2e WO hebben Nederlandse militairen zich in verschillende missies over de hele wereld ingezet voor onze manier van leven in vrijheid. Ook van hen zijn er sommige niet teruggekeerd.
De oorlogen die er nu her en der in de wereld zijn, waaronder in Oekraïne en het Midden Oosten, doen ons alleen maar beseffen dat vrijheid niet meer vanzelfsprekend is.
Daarom willen wij op deze dag stil staan bij onze verworven vrijheid en dit samen met u vieren tijdens een bevrijdingsmaaltijd.
Dankzij een bijdrage van Vesteda en het comité 4 en 5 Mei zijn wij weer in staat om u een bevrijdingsmaaltijd (avondmaaltijd) aan te bieden.
Locatie: 1everdieping.
Ontvangst: vanaf 18.00 uur.
Aanvang diner: 18.30 uur. eindtijd +/- 20.30 uur.
Deelnemers die vegetariër zijn dienen dit aan te geven bij hun opgave. Het eten, muv de pindasaus, is glutenvrij. Wij vragen de deelnemers wel een eigen bijdrage van € 5,=p/p. Deze maaltijd wordt in zijn geheel verzorgd door Toko Fennis.
I.v.m. het bestellen bij Toko Fennis moet u zich aanmelden voor 21 april bij de Secretaris.
Uw bijdrage kan gestort worden op het rekeningnummer van de Penningmeester: NL55RABO0307063526, t.n.v. G. Meurs, Onder vermelding van uw appartement nummer,aantal deelnemers en wel of geen vegetariër.


Maximale huurverhoging 2026 in vrije sector 4,4%
Huurders in de sociale huursector mogen vanaf1 juli 2026 maximaal 4,1% huurverhoging krijgen. In de midden huur ligt dit maximum vanaf 1 januari 2026 op 6,1% en in de vrije sector op 4,4%. De maximale huurverhoging wordt elk jaar bepaald op basis van inflatie- of CAO-loonontwikkeling. Voor sociale huur, midden huur en vrijesector gelden verschillende regels. Daarom mag de huur per type woning anders stijgen. Doel van het jaarlijkse maximum is om wonen in iedere sector betaalbaar te houden. Daarnaast moeten verhuurders kunnen blijven investeren in nieuwbouw en onderhoud van woningen.
Vrije sector: 4,4%
In de vrije sector bepaalt de wet dat de huur mag stijgen op basis van de inflatie of de CAO-loonontwikkeling. Het laagste van die 2 percentages wordt gebruikt, en daar mag de verhuurder 1% bij optellen. Van december 2024 tot december 2025 was de gemiddelde inflatie met 3,4% lager dan de loonontwikkeling van 5,1% . Met de extra 1% erbij komt de maximale huurverhoging uit op 4,4%. Deze maximale verhoging geldt voor alle zelfstandige woningen in de vrije sector, zoals eengezinswoningen, studio’s en appartementen, en ook voor ligplaatsen van woonboten.
Lagere huurverhoging mogelijk
De bovenstaande percentages zijn maximum percentages. Huurders kunnen geen hogere huurverhoging krijgen, wel een lagere of dezelfde huurprijs houden. In het huursegment vrije sector presenteert de verhuurder in maart zijn strategie aan de belangen verenigingen. Dit voorstel kan ook lager zijn dan het maximum. Hoeveel de huurverhoging is die een huurder van een midden huur- of vrijesectorwoning daadwerkelijk gaat betalen, hangt af van de in het huurcontract vermelde te hanteren CPI index Feb2026-Feb2025 of Maart2026-Maart2025). Soms is daardoor een lagere verhoging van toepassing. In dat geval geldt dat lagere percentage. Staat er een hogere verhoging in het contract? Dan mag de huur nooit meer stijgen dan het maximaal toegestane jaarpercentage. Dit geldt ook als eerder een hogere verhoging is afgesproken, bijvoorbeeld door verduurzaming van de woning. Verder mag een huurverhoging maximaal 1 keer per jaar worden doorgevoerd.
De inflatie in februari 2026 was 2,4 procent bij een snelle raming, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Deze raming is berekend op basis van nog onvolledige brongegevens. In januari 2026 was de inflatie ook 2,4 procent.
Bij de snelle raming stegen de prijzen voor consumenten in februari met 1,0 procent ten opzichte van januari.
De reguliere cijfers van de CPI van februari worden na 10 maart gepubliceerd.
Voorgenomen huurprijsbeleid Vesteda
Wij hebben ervoor gekozen om per 1juli 2026 het overheidsbeleid te volgen voor de huurcontracten in de sociale-en vrije sector. Voor huurcontracten die in het midden huursegment vallen willen we hetzelfde percentage toepassen als voor de vrije sector door de huurverhoging voor dit segment te matigen.
Vrije sector: 4,4%
Middenhuur: 4,4%
Sociale huur: 4,1%
Om het inflatiecijfer te berekenen hanteren we de periode zoals omschreven in de huurovereenkomst. (Deze is niet voor alle huurders hetzelfde!) Mocht het definitieve inflatiecijfer over deze periodelager uitvallen dan 3,4%, dan nemen wij dit lagere cijfer mee in onze huurprijsberekening. De huurverhoging voor de vrije sector kan hierdoor eventueel lager uitvallen dan 4,4%.
Met een CPI van 2,4 % over feb 2026, vermeld als meet moment in de MVGM contracten, betekent een huur verhoging van 3,4 %.
De verhoging voor de Vesteda contracten hebben over het algemeen als meetmoment de CPI over de maand maart 2026.
Doel vande Wet
De wet is ontworpen om duidelijkheid te scheppen over welke kosten verhuurders als servicekosten in rekening mogen brengen. Dit is belangrijk omdat er in de praktijk vaak geschillen ontstaan over de hoogte en rechtmatigheid van deze kosten. De wet beoogt om huurders te beschermen tegen onterechte of te hoge servicekosten en om de transparantie te vergroten.
Belangrijke Wijzigingen
1. Limitatieve Lijst van Servicekosten: De wet introduceert een vaste lijst van kosten die als servicekosten mogen worden doorberekend. Dit voorkomt onduidelijkheid en misbruik door verhuurders.
2. Eerlijke Kosten: Verhuurders mogen alleen daadwerkelijk gemaakte kosten doorberekenen en deze moeten redelijk zijn. Dit betekent dat verhuurders niet mogen profiteren van de servicekosten.
3. Toezichtdoor de Huurcommissie: De Huurcommissie krijgt meer bevoegdheden om de voorschotten voor servicekosten te controleren, wat het voor huurderseenvoudiger maakt om klachten in te dienen als zij vermoeden dat de kosten te hoog zijn.
4. Verplichtingen voor Verhuurders: Verhuurders zijn verplicht om jaarlijks een gespecificeerd overzicht van de servicekosten te verstrekken aan hun huurders, zodat deze inzicht hebben in de gemaakte kosten.
Implementatie
De wet is goedgekeurd door zowel de Tweede als de Eerste Kamer en zal op 1 januari 2026 in werking treden. Dit is een onderdeel van een bredere set van wetten die gericht zijn op het verbeteren van de huurdersbescherming in Nederland.
De Wetmodernisering servicekosten, en daarmee het nieuwe regime servicekosten, zal enkel gelden voor huurovereenkomsten gesloten ná de inwerkingtreding van de wet(1 januari 2026).
Deze veranderingen zijn bedoeld om de rechten van huurders te versterken en om een eerlijker systeem voor servicekosten te creëren, wat hopelijk zal leiden tot minder geschillen tussen huurders en verhuurders.

Betaalbare huurwoningen verdwijnen van de markt
Het is in Nederland steeds moeilijker om een betaalbare huurwoning te vinden. Er zijn in het betaalbare segment maar weinig huizen beschikbaar en de prijs blijft verder stijgen. De vrije sector huurmarkt bleef ook in het vierde kwartaal van 2025 structureel krap, blijkt uit een analyse van woningplatformen Pararius en Huurwoningen.nl. Hoewel het aantal reacties per huurwoning lager lag dan in eerdere kwartalen, blijft de concurrentietussen huurders hoog. Een vrije sector huurwoning ontving gemiddeld 31 reacties en stond gemiddeld 18 dagen online. De gemiddelde huurprijs per maand kwam uit op €1.838. De cijfers laten een groeiende kloof zien: de meeste woningzoekenden richten zich op het betaalbare deel van de huurmarkt terwijl het beschikbare aanbod daar verdwijnt en steeds meer verschuift naar de hogere prijsklassen van de vrije sector. Daardoor wordt het vinden van een geschikte huurwoning voor een groeiende groep huishoudens steeds lastiger.
Huurhuizen worden koophuizen
In het vierde kwartaal van 2025 werden 14.698 vrije sectorhuurwoningen gepubliceerd. In diezelfde periode werden 15.188 woningenafgemeld. Daarmee verdwenen er per saldo opnieuw meer huurwoningen dan erbijkwamen. Het beschikbare aanbod in de vrije sector nam daardoor verder af.
Zorgen over harde daling verhuurtransacties en verdereinstorting van huuraanbod
Info NVM.
Door een zeer krap huuraanbod is de verhuur van vrije sector-woningen in het vierde kwartaal 2025 ruim 20% gedaald ten opzichte het kwartaal ervoor. Ten opzichte van hetzelfde kwartaal in 2024 lag het zelfs 38%lager. Mede door deze instorting is de gemiddelde huurprijs in een jaar met ruim 9% gestegen. Dit illustreert de toenemende krapte op de vrije sectorhuurmarkt met gemiddeld 45 reacties per woning. Door het ongunstige investeringsklimaat lijkt hier voorlopig weinig verandering in te komen. Dit leidt tot aanhoudende zorgen bij (ver)huurders, makelaars en vastgoedmanagers over kansen en ontwikkelingen op de huurwoningmarkt.
Midden huur versus vrije sector
Sinds 1 juli 2024 is er onderscheid tussen (gereguleerde)midden huur en vrije sector. De grens in 2026 ligt bij een kale huur van €1.228per maand (187 WWS-punten). Midden huur loopt van €933 tot €1.228 per maand envrije sector begint vanaf €1.228. Door deze regelgeving valt (bij mutatie) eendeel van de voorraad dat voorheen vrije sector was nu in midden huur. Hetaantal verhuurde midden huur woningen daalt (net als bij de vrije sector), inhet vierde kwartaal 2025 tegenover een jaar eerder. De gemiddelde huurprijs pervierkante meter in midden huur is €17,39. Dat is lager dan de vrije sector(€18,48). De kale maandhuur bedraagt gemiddeld €1.095 in midden huur en €1.657in vrije sector. Het aandeel midden huur neemt door uitpondingen verder af.
Kwartaal cijfers huren worden op dit moment nog niet door de NVM gepresenteerd.

Als huurder moet u zich aan regels houden. U moet bijvoorbeeld de huur op tijd betalen. Maar u heeft ook rechten. Zoals onder andere recht op huurbescherming.
Sinds 1 juli 2023 zijn huurders beter beschermd tegen discriminatie en intimidatie, een te hoge waarborgsom en onredelijke servicekosten.

.
De Huurcommissie is een onpartijdige en onafhankelijke geschillenbeslechter voor huurders en verhuurders. De Huurcommissie biedt hulp aan huurders en verhuurders als zij het niet eens zijn over bijvoorbeeld de huurprijs, onderhoud of servicekosten. Wij beoordelen het geschil aan de hand van wet- en regelgeving. Daarna doen we een uitspraak waar beide partijen zich aan moeten houden.
Dit boekje brengt grip op de regels voor sociale en vrijesector huurders aan de hand van twee samenhangende onderwerpen en wel je huurprijs en de jaarlijkse huurverhoging en het puntenstelsel. Ook de mogelijkheden voor huurverlaging komen aan bod.

De afrekening voor 2024 ontvingen we in mei 2025 van Vesteda .
Alvorens deze aan de bewoners werd gezonden heeft het bestuur van de Belangen Vereniging inzicht gekregen in de facturen via het Vesteda portall. Nadat het bestuur had ingestemd met het aangeboden overzicht werden de totaal bedragen verdeeld over de 37 appartementen en werden de voorschotten verdisconteerd.
Onder de servicekosten vallen zoal de kosten van de schoonmaak van de algemene ruimten, gebruik elektrisch ( Liften, garagedeur, toegangsdeuren en verlichting), water, Ramenwassen, vervanging lampen, 24 uurs service liften, tuin onderhoud, 24 uurs service CV en eventuele levering filters voor de Wtw.
Deze kosten zijn verdeeld over alle appartementen ongeacht in welke mate er gebruik van gemaakt word.

De bijeenkomst vond plaats in Boules en Bites te Ede op 24 januari 2025 van 15 uur -19 uur. Na een toespraak van een regiobestuurder was er gelegenheid tot info uitwisseling en jeu de boule. Tevens was er een lopend buffet. Het was een gezellige en informele bijeenkomst..

We use cookies to improve your experience and to help us understand how you use our site. Please refer to our cookie notice and privacy policy for more information regarding cookies and other third-party tracking that may be enabled.